Menu
Advocaten en liberaal verzet in Antwerpen
Collectie
dinsdag 13 oktober 2020
Geschreven door: Peter Laroy

In september 2020 verscheen een studie over het lot van 19 advocaten verbonden aan de balies van Antwerpen, Mechelen en Turnhout tijdens de Tweede Wereldoorlog. Auteur Jan Verstraete (geboren in het bevrijdingsjaar 1944) is zelf advocaat meer heeft ook een passie ontwikkeld voor het verleden van ‘zijn’ Antwerpse balie. In 2018 publiceerde hij nog een vuistdikke biografie over de Antwerpse jurist en advocaat René Victor.

Voor deze nieuwe studie dook hij in het leven van confraters die tijdens de oorlogsjaren in het verzet gingen tegen de bezetter. Sommigen bekochten dit engagement met hun leven. Verstraete ging op zoek in de archieven en kreeg informatie van nabestaanden. Het boek overstijgt op die wijze het niveau van de huldepublicatie en brengt interessante informatie naar boven. Voor de geschiedenis van liberalen in het verzet springen enkele figuren er uit.

Oscar Vankesbeeck (1886-1943) uit Mechelen deed zijn advocatenstage bij Louis Franck en bleef de rest van zijn leven een verdediger van de liberale zaak. Hij werd gemeenteraadslid (1921) en volksvertegenwoordiger voor de Liberale Partij (1932-1936). In 1937 kwam hij in conflict met de partij en koos op lokaal vlak zijn eigen weg. Vankesbeeck was als voorzitter van Racing Club de Malines (en vanaf 1937 ook van de Belgische Voetbalbond) immens populair. Tijdens de bezetting toonde hij zich strijdlustig om de Duitsers het vuur aan de schenen te leggen. Vankesbeeck ondersteunde ontsnappingsroutes en sluikpers. Toch waren het niet deze activiteiten die er voor zorgden dat de man in handen van de Duitsers viel. Na een granaataanslag op de Duitse Kommandantur in mei 1941 behoorde Vankesbeeck als notabele tot de gijzelaars die werden opgepakt. De Mechelse advocaat kwam voor 6 weken terecht in Breendonk. Een ziekte die hij daar opliep werd hem maanden later fataal.

Een tweede liberale figuur in het boek van is advocaat Frans De Hondt (1914-1945), afkomstig uit Hemiksem. De Hondt was erg actief in het liberale verenigingsleven (o.a. het Willemsfonds). Als rechtenstudent in Gent speelde hij een belangrijke rol in het nog jonge Liberaal Vlaams Studentenverbond (LVSV). De Hondt werd voorzitter en richtte het blad Neohumanisme mee op. Eenmaal advocaat bleef hij actief in de Liberale Partij, zonder meteen een politiek mandaat te verwerven. In die kringen groeide reeds in de zomer van 1940 een eerste verzetskern die het sluikblad De Vrijheid uitgaf. De Hondt schreef teksten voor het blad en werd steeds actiever in de verzetsgroep geleid door de Antwerpse liberaal Carlo Buysaert. Eind 1942 sloot het net zich rond deze verzetslieden. De Hondt werd opgepakt. In oktober 1943 werd de Antwerpse advocaat gedeporteerd en kwam na diverse tussenkampen in oktober 1944 in Gross Rosen terecht. Hij overleed in februari 1945. Het engagement en de lijdensweg van De Hondt werd na de oorlog door het LVSV overigens uitgebreid herdacht in Neohumanisme.

In datzelfde kamp overleed in december 1944 Georges Debroux (1911-1944). Na zijn rechtenstudies aan de ULB werd hij advocaat te Antwerpen, waar hij ook kandidaat was voor de liberalen bij de gemeenteraadsverkiezingen in 1938. Bij het begin van de bezetting sloot hij aan bij de groep die het sluikblad De Vrijheid publiceerde. Debroux engageerde zich steeds verder in het verzet. Ook Karel Poma (die functioneerde als verbindingsman tussen verzetsgroepen in Antwerpen en Gent) signaleerde dit overigens in zijn memoires over deze periode (klik hier). De bezetter hield Debroux in de gaten. De man ontsnapte een paar keer de dans maar kwam uiteindelijk half mei 1943 terecht in Duitse handen. Debroux verdween spoorloos in de Duitse kampen en pas na de bevrijding kwam er nieuws over zijn lot.

Een heel merkwaardig verhaal is tot slot dat van Jean Vroman (1900-1944). Afkomstig uit een vooraanstaande Franssprekende liberale familie ging ook deze advocaat in het verzet (Witte Brigade). Toch was het ander merkwaardig dispuut (in het boek uitvoerig beschreven) dat er voor zorgde dat hij in Buchenwald terechtkwam en er in september 1944 overleed.

Verstraete onderstreept met deze en andere verhalen dat de gerechtelijke wereld en advocaten niet hebben geaarzeld hun engagement op te nemen tijdens de bezetting en er in veel gevallen een zware tol voor hebben betaald. Uit zijn verhaal wordt ook duidelijk dat de liberale figuren heel wat veil hadden om hun vrijheidsideaal te verdedigen.

Jan Verstraete, Rechtgeaard. Het tragische lot van achttien advocaten tijdens de Tweede Wereldoorlog, telt 166 pagina’s, kost 20 euro en is te koop bij de Antwerpse balie: info@balieprovincieantwerpen.be

Advocaten en liberaal verzet in Antwerpen