Menu
Arthur Goemaere, stichter van de Belgische Persbond
Collectie
maandag 28 juni 2021
Geschreven door: Kris De Beule

Een bijna onleesbaar geworden gedenksteen in de Antwerpse Arthur Goemaerelei geeft een opsomming van de functies die de naamgever van de straat, Arthur Goemaere (1841-1902), uitoefende. Hij was journalist, schepen van de stad Antwerpen, stichter van de Belgische Persbond en medestichter van de Union Internationale des Associations de Presse. Vreemd dat iemand die zo veel betekende voor de Belgische en internationale journalistiek bijna volledig in de vergetelheid is geraakt. Zelfs Wikipedia kent hem niet.

Aanleiding voor Liberas om wat dieper te graven naar de betekenis van Arthur Goemaere, is dit zwart-witportret waarop hij trots en met gekrulde snor voor de lens poseert. De foto zit in het huldealbum voor Arthur Van Den Nest, waarover reeds een tekst op deze website verscheen. Er zijn niet zo veel foto’s van Arthur Goemaere bewaard gebleven. Van deze afbeelding bewaart het Felixarchief, en nu ook Liberas, een zeldzaam exemplaar. Daarnaast is vooral zijn gebeeldhouwde hoofd in de gevel van het herenhuis “de Ooievaar” in de Antwerpse Leysstraat bekend. Een straat die niet toevallig gekozen is, want als schepen van Openbare Werken was Goemaere nauw betrokken bij de verfraaiingswerken van deze verbindingsweg tussen Keyserlei en Meir. Ook de hoofden van Jan Van Rijswijck, Arthur Van Den Nest en Frans Van Kuyck zitten in diezelfde gevel verwerkt.

Detail van de gevel Leysstraat 7 (foto Wikimedia Commons)

Van Gent naar Antwerpen

In Gent geboren worden en het toch tot schepen schoppen in Antwerpen. Dat op zich maakt Arthur Goemaere misschien al uniek. Het welstellende gezin Goemaere woont bij zijn geboorte in 1841 inderdaad in Gent, maar om een onduidelijke reden duikt de naam van de familie vanaf 1866 in Antwerpen op. Zoon Arthur studeert dan aan de Koninklijke Militaire School te Brussel. Er wacht hem een mooie militaire loopbaan. In 1870 sluit hij zich vrijwillig aan bij het lotelingenleger dat de Belgische grens verdedigt n.a.v. de Frans-Duitse Oorlog. Maar nog datzelfde jaar verlaat hij definitief het leger. Hij is dan reeds enkele jaren leraar aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten waar hij geschiedenis, kleederdrachten en oudheden doceert. Hij is ook actief als scheepsmakelaar (dispacheur) en journalist.

Le Précurseur

Duivel-doet-al Arthur Goemaere krijgt in 1868 een baan als redacteur bij de krant Le Précurseur (1835-1914), de spreekbuis van de Antwerpse doctrinaire liberalen. Ook wanneer hij in 1870 een tijdje naar het front trekt, blijft hij actief schrijven voor de krant. Van 1878 tot 1891 is hij hoofdredacteur. De politieke lijn van het blad wordt dan grotendeels door hem bepaald. Hand in hand hiermee stijgt zijn invloed binnen de Antwerpse Liberale Associatie.

Goemaere ontpopt zich als een vinnig polemist. In zijn artikels ijvert hij voor een liberalisme met een menselijk gelaat. Dat wordt meteen een belangrijke reden om hem in 1895 een plaats op de liberale gemeenteraadslijst te geven. Met zijn sociaal profiel kan hij stemmen wegkapen van de Belgische Werkliedenpartij die dan in volle opmars is.  

Belgische en internationale persbond

Maar voor het zover is laat hij zich vooral opmerken in de journalistieke wereld. In 1886 wordt hij de stichter en eerste voorzitter van de Algemene Belgische Persbond. Deze nieuwe beroepsvereniging moet de morele en materiële belangen van de Belgische journalisten verdedigen. Goemaere ijvert onder meer voor de invoer van een perskaart en de erkenning van het statuut van journalist. Dat laatste zal pas in 1965 gebeuren. Wat hij op Belgisch niveau voor elkaar krijgt, lukt hem ook buiten de landsgrenzen. Tijdens de Wereldtentoonstelling van 1894 in Antwerpen is hij voorzitter van het eerste internationale congres van de pers. Het is meteen de basis voor de Union Internationale des Associations de Presse, waarvan Goemaere – samen met collega-journalist Edouard Heinzmann-Savino – één van de belangrijkste initiatiefnemers is. In de pioniersjaren worden congressen georganiseerd in onder meer Bordeaux en Boedapest. Goemaere is er een graag geziene spreker die de onafhankelijkheid en neutraliteit van de internationale pers met vuur verdedigt.

Schepen van Openbare Werken

Hij stelt zich een eerste maal verkiesbaar bij de parlementsverkiezingen van 1892 maar wordt niet verkozen. Drie jaar later, in 1895, staat zijn naam zoals gezegd op de liberale gemeenteraadslijst. De liberalen voelen de hete adem van de tien jaar eerder opgerichte Belgische Werkliedenpartij. Goemaere kan inderdaad de nodige kiezers overtuigen, wordt verkozen tot gemeenteraadslid en krijgt prompt de belangrijke schepenportefeuille van Openbare Werken in een homogeen liberaal college onder leiding van burgemeester Jan Van Rijswijck. Belangrijke initiatieven zijn – naast de reeds vermelde verfraaiing van de Leysstraat – de collegebeslissingen tot de bouw van de Stadsfeestzaal en de Opera.  

Bij zijn overlijden in 1902 is hij nog steeds lid van het schepencollege. Hij wordt begraven met een grootse plechtigheid in de Onze-Lieve-Vrouwekathedraal. Antwerpse politici en vertegenwoordigers van de Belgische en internationale pers houden toespraken. Enkele jaren na zijn overlijden krijgt hij een straatnaam in de wijk Markgrave. In 1934 wordt in die straat ook een gedenksteen onthuld. Maar uit het oog, uit het hart, zo blijkt. De steen is niet enkel onleesbaar geworden, maar – net als de man zelf – zo goed als vergeten.

Bronnen: