Hoe ben je het spionagedossier van Roger Motz eigenlijk op het spoor gekomen?

Toen ik in 2001 mijn proefschrift verdedigde over Poolse migratie in België, had het Poolse IPN (Instituut voor Nationale Herinneringen), dat onder meer het archief van de Poolse veiligheidsdiensten toegankelijk maakt voor historisch onderzoek, net zijn deuren geopend. Het lag voor de hand dat ik daar eens ging kijken. In een dossier over een contraspionage-netwerk van Poolse migranten eind jaren veertig kwam ik de naam van Roger Motz tegen. Dat heeft mij ertoe geleid om hem in de inventaris op te zoeken, en zo ben ik op zijn dossier gestoten.

In 2006 kreeg ik geen toelating om het in te kijken, wat mijn nieuwsgierigheid natuurlijk prikkelde. Uiteindelijk heb ik het wel in handen gekregen in januari 2013, toen ik nog een reeks archieven doornam voor mijn boek Spioneren voor het communisme. Het dossier was flinterdun, maar wel erg ontluisterend. Niet alleen omdat hij partijvoorzitter en minister was geweest, maar ook omdat hij daadwerkelijk informatie doorgaf. Er zijn nog andere politici en journalisten met een dossier, maar die bevatten alleen plannen over hoe de Polen hen benaderden en probeerden te ‘rekruteren’, alsook verslagen over hoe die projecten mislukten.

In het kader van een project met mijn Krakause collega Józef Łaptos heb ik de voorbije jaren bijkomend onderzoek gedaan rond Motz. Ik heb nieuwe bronnen doorgenomen: niet alleen het (veel dikkere) dossier van Jan Hauptman (zijn contactpersoon met de Poolse inlichtingendiensten) en enkele dossiers van de zaken waarover Motz informatie doorgaf (bv. de Bilderbergconferenties), maar ook de archieven van de ministeries van Buitenlandse Zaken en van Buitenlandse Handel van de Poolse Volksrepubliek. De resultaten daarvan worden binnenkort gepubliceerd in een bundel geredigeerd door Przemysław Szczur.

Toespraak van Roger Motz op de viering van honderd jaar Liberale Partij in 1946

Toespraak van Roger Motz op de viering van honderd jaar Liberale Partij in 1946

Waaruit bestonden de spionageactiviteiten van Motz? Moeten we daarbij denken aan James Bondtaferelen?

Neen, allesbehalve James Bond. De romans van Ian Fleming (en de films die daarop zijn geïnspireerd) hebben ons beeld van spionage helemaal vervormd. Spionnen beleefden weinig avonturen. Het merendeel van hun tijd besteedden zij aan rapporten schrijven, al dan niet op basis van gesprekken met mensen. De film Das Leben der Anderen (2006) geeft een veel beter beeld.

Overigens was Motz geen geheim agent zoals James Bond, maar alleen een informatiecontact. Hij bezorgde de Polen inlichtingen over de organisaties waarbij hij betrokken was, zoals de Liberale Internationale, de Bilderbergconferenties, de Raad van Europa, bepaalde commissies op Belgisch niveau enzovoort. Op sommige momenten waren de Polen erg blij met dat materiaal, maar op andere momenten voelden ze dat Motz niet alles doorgaf.

Het bestendig comité van de Liberale Partij met vlnr. Roger Motz, onbekende, Octave Dierckx, René Lefebvre, Auguste Buisseret en Robert Godding, 1947

Het bestendig comité van de Liberale Partij met vlnr. Roger Motz, onbekende, Octave Dierckx, René Lefebvre, Auguste Buisseret en Robert Godding, 1947

Hoe was het mogelijk dat Poolse communisten een liberale partijvoorzitter rekruteerden? Heb je daar een verklaring voor? Hoe hebben ze hem eigenlijk over de streep getrokken?

Motz is nooit formeel gerekruteerd geweest. Hij stond niet eens in rechtstreeks contact met de Poolse ambassade, laat staan met Poolse inlichtingenofficieren. Hij gaf de informatie door aan Jan Hauptman, een Pool die hij tijdens de Tweede Wereldoorlog had leren kennen in Londen. Hauptman was in 1928 in België komen studeren en is er nadien gebleven. Tijdens de oorlog verbleef hij in Londen, en na de bevrijding werd hij persattaché voor de communistische ambassade in Brussel. In 1951 nam Hauptman ontslag en werd hij zakenman, maar hij bleef contact houden met de mensen van de Poolse Volksrepubliek. Motz was daarvan op de hoogte, al is het niet duidelijk of hij wist dat Hauptman een geheim agent was die specifieke instructies kreeg vanuit Warschau.

Anderzijds suggereren sommige rapporten dat zowel Hauptman als Motz dubbelagenten waren en ook werkten voor de Britse inlichtingendiensten. Die archieven zijn echter nog niet toegankelijk. We kunnen dus nog niet checken of dat klopt en, zo ja, hoe intens die samenwerking was.

Pagina uit het dossier van Motz bewaard door het IPN

Pagina uit het dossier van Motz bewaard door het IPN

Het blijft een merkwaardige tegenstelling, als je ziet hoe de partij vanaf de jaren 1950 in het spoor van Friedrich Hayek en William Beveridge de markteconomie en de sociale welvaartsmaatschappij omarmt, het westerse kapitalistische systeem zeg maar.

Een “communistische agenda” is wat overdreven, maar hij had alleszins een dubbele standaard. In ruil voor de inlichtingen kregen Motz en Hauptman aanvankelijk geschenken, nadien geld en uiteindelijk kredieten en andere privileges voor hun bedrijven die handel voerden met Polen. Al is het moeilijk om de juiste omvang van hun winsten te achterhalen. De Poolse veiligheidsdiensten noteerden dat die bedrijven een monopolie kregen, maar de bronnen van het Poolse ministerie van Buitenlandse Handel spreken dat tegen.

Hoe dan ook lijkt Motz vooral uit geweest te zijn op persoonlijke voordelen. En hij ging daarin ver. Zo verraadde hij vertrouwelijke info die hij kreeg van Józef Retinger, een Pool die achter de schermen een grote rol speelde in de vroege Europese integratie. Retinger noteerde in zijn memoires dat hij Motz beschouwde als een vriend. Pijnlijk…

Heb je het gevoel dat Motz' dubbelagenda ook zijn weerslag heeft gehad op zijn rol in de Belgische politiek? Heeft hij schade berokkend, de staatsveiligheid in het gedrang gebracht of het bepaalde personen moeilijk gemaakt?

Zo ver ging hij niet, maar hij bakte wel zoete broodjes met de Polen. Motz werd voorzitter van een Pools-Belgische parlementaire fractie en reisde in 1947 en 1955 als hoofd van delegaties naar de Poolse Volksrepubliek, waar hij onder anderen de premier en de president ontmoette. Heel ongewoon was dat niet: ook christendemocratische en andere politici maakten daar deel van uit. Er speelden nog andere zaken mee, zoals de onderhandelingen over de compensaties voor de nationalisering van Belgische bedrijven in Polen. Maar toch is het opvallend hoe Motz na bezoeken aan Polen in de Belgische media en het Belgische parlement een lans brak voor de nieuwe grens tussen Polen en Duitsland en ook opriep om de handelscontacten tussen België en Polen uit te breiden. Al had hij ook kritiek op de censuur en zei hij zelfs dat het veiligheidsapparaat er te sterk was uitgebouwd.

Roger Motz (links), Suzanne en Albert Lilar op een receptie van Buitenlandse Zaken, 1955

Roger Motz (links), Suzanne en Albert Lilar op een receptie van Buitenlandse Zaken, 1955

Zeggen dergelijke spionageactiviteiten iets over de rol van België in de Koude Oorlog? En specifieker, over de Belgisch-Poolse verhoudingen?

Zeer zeker. De “Zaak-Motz” is een goede illustratie van de verwevenheid van België en Polen tijdens de Koude Oorlog. Er waren veel contacten, zelfs in de stalinistische periode: we denken nog altijd in termen van een IJzeren Gordijn, maar historici hebben al opgeroepen om Iron Curtain te vervangen door Nylon Curtain. België was een belangrijk doelwit voor de Poolse inlichtingendiensten, niet alleen omwille van de internationale instellingen in Brussel, maar vooral omdat er veel Poolse migranten in België woonden.

Maar het hele verhaal legt ook de complexiteit van spionage bloot. In een aantal rapporten lees je de frustraties, zelfs de machteloosheid van de Poolse inlichtingenofficieren, die afhankelijk waren van Motz en Hauptman. Soms heb je zelfs de indruk dat Hauptman met hun voeten speelde. Bijkomend probleem is natuurlijk dat we maar één bron hebben, die de perspectieven van Motz en Hauptman onvoldoende belicht. Meer nog, de rapporten van de geheime diensten blijken vol onnauwkeurigheden te staan als je ze vergelijkt met de gegevens van het Belgisch Staatsblad (over de bedrijven van Motz en Hauptman) of deze van bovengenoemde Poolse ministeries.

Infofiche over Motz in zijn dossier bewaard door het IPN

Infofiche over Motz in zijn dossier bewaard door het IPN

Kunnen we ons voorstellen dat zoiets vandaag nog zou gebeuren, dat een partijvoorzitter samenwerkt met de geheime dienst van een ander land? Is dat een sciencefictiongedachte? Of moeten we niet naïef zijn?

Ik zou niet naïef zijn: achter de schermen gebeurt er altijd meer dan wat het daglicht ziet. Maar mijn onderzoek naar de Poolse communistische veiligheidsdiensten leert ons ook andere zaken. Enerzijds hebben spionnen weinig scrupules op het vlak van privacy, en soms schrok ik hoe ver zij gingen in hun operaties. Anderzijds is het bijna komisch hoe weinig resultaat zij boekten. Zij dikten hun eigen dossiers aan, zagen rook waar geen vuur was, verzamelden massa’s zinloze informatie … Mijn boek Spioneren voor het communisme wordt nu ook naar het Pools vertaald. Ik hoop dat ik de uitgever kan overtuigen om het een andere titel te geven: “De roddelfabriek”. Want in mijn ogen vat dat de Poolse inlichtingendiensten het best samen. De successen die zij – vaak naar eigen zeggen – af en toe boekten, mogen ons niet verblinden.

Roger Motz en Omer Vanaudenhove op het stichtingscongres van de PVV/PLP in 1961

Roger Motz en Omer Vanaudenhove op het stichtingscongres van de PVV/PLP in 1961

Het project waarvan sprake wordt gefinancierd door het Nationaal Centrum voor Wetenschap (Narodowe Centrum Nauki; referentie 2018/30/M/HS3/00153). De bijkomende onderzoeksresultaten zijn opgenomen in Idesbald Goddeeris, "Code Names Szejk and Szeryf. The Collaboration of the Belgian Minister Roger Motz with the Polish Secret Services at the Background of Belgian-Polish Economic Relations in the Early Cold War", in: La Pologne des Belges: évolution d’un regard (XXe-XXIe siècles), red. Przemysław Szczur (Kraków: Wydawnictwo UNUM, 2021, te verschijnen).

Uit onze collectie in de kijker

UITGELICHT

Datum
1947

Viering van 50 jaar Turnvereniging Sparta

Viering van 50 jaar Turnvereniging Sparta De optocht door de straten van Ninove (h: 238 mm, b: 177 mm) 17/8/1947

Datum
1908

Grand Prix van Dieppe 1908

Grand Prix van Dieppe 1908 Henri Cissac en Jules Schaube in hun Panhard-Levassor (h: 170 mm, b: 120 mm) 7/7/1908

Datum
1955

Het Willemsfonds Boom op reis naar Londen

Het Willemsfonds Boom op reis naar Londen Informele beelden tijdens het bezoek aan Londen (h: 90 mm, b: 63 mm), (h: 110 mm, b: 80 mm) 1955