De conferentie start op 12 juni en vindt plaats in het gloednieuwe Londense Geological Museum. Zesenzestig landen (bijna alle onafhankelijke staten op dat moment), waarvan ook tien niet-leden van de Volkenbond, zijn er vertegenwoordigd door een driehonderdtal deelnemers. Zij moeten, onder ruime publieke belangstelling, de komende weken proberen de wereldwijde economische crisis in te dijken, en de internationale handel weer op gang te brengen via onder andere internationale samenwerking en solidariteit, een vrijere ruilhandel, minder protectionisme en een muntstabilisatie (het stabiliseren van de wisselkoersen). Rond het diverse internationale gezelschap van deelnemers, zo vertelt Stijns, ‘zwermt de bijzondere politiebrigade van Scotland Yard, bijgestaan door de geheime politie, welke verschillende afvaardigingen, onder welke de Italiaansche, extra meegebracht hebben’ en ‘bijzondere detektieven, die over het heil van de grootste koppen mogen waken.’1
Koning George en eerste minister Ramsay MacDonald (die ook de algemene voorzitter van de conferentie is) openen de bijeenkomst plechtig op maandagnamiddag 12 juni. De officiële Belgische delegatie bestaat uit onder anderen ministers Paul Hymans (Buitenlandse Zaken) en Henri Jaspar (Financiën) en minister van Staat Emile Francqui. Hymans wordt, als trouwe verdediger van de vrijhandel, op woensdag 14 juni tot ondervoorzitter van de conferentie verkozen.
Ten tijde van de Londense conferentie is Stijns nog maar 32 jaar oud, maar wel al meer dan tien jaar (sinds 1921) als redacteur in dienst bij Het Laatste Nieuws. Hij is er onder andere gespecialiseerd in internationale politiek. Een jaar eerder, in juli 1932, woonde hij voor zijn krant al de Conferentie van Lausanne bij, waar werd overlegd over het eventuele stopzetten van de aan Duitsland na de Eerste Wereldoorlog opgelegde herstelbetalingen.
Stijns is op de Londense conferentie een van de elf geaccrediteerde Belgische journalisten, naast onder anderen Leon Duwaerts van Belga, Maurice Denève voor La Dernière Heure en Lucien Créplet voor Le Soir. In totaal zijn meer dan vierhonderd journalisten uit bijna veertig landen door de organisatie geaccrediteerd.
Voor Julius Hoste jr., die sinds het overlijden van zijn vader in maart 1933 de volledige leiding van Het Laatste Nieuws in handen heeft, is de reis van Stijns een financiële investering die hij op journalistiek vlak hoopt terug te verdienen. Het Laatste Nieuws is de enige Vlaamse krant die met een geaccrediteerde journalist aanwezig is. Om zijn verblijfskosten als ‘onzen medewerker ter plaatse’ te dekken, krijgt Stijns van boekhouder Jan Hereng 500 Belgische frank en 24 pond 14 shilling (iets meer dan drieduizend toenmalige Belgische frank) mee.
Het Laatste Nieuws publiceert al enkele dagen diverse berichten over de conferentie wanneer Stijns’ eerste ondertekend artikel in de editie van woensdag 14 juni verschijnt. De 13de laat Hoste in een brief2 aan Stijns weten dat het ‘met de Air Mail Express’ verstuurde artikel die ochtend om 6.55 u. aankwam (‘dat ging dus prachtig’), terwijl het eerste artikel, dat Stijns met de gewone post verzond, pas dezelfde ochtend ‘met de morgenpost’ aangekomen was. De ‘Air Mail Express’ lijkt Hoste dus een geschikte manier om de artikels uit Londen tijdig in Brussel te krijgen. Het is de bedoeling, meldt Hoste nog, dat Het Laatste Nieuws zo snel mogelijk verslag uitbrengt op basis van ontvangen persberichten, om dan de dag nadien ‘een stemmingsbeeld en de gepaste beschouwingen’ door Stijns te brengen.
Hoewel hij meestal focust op de inhoud van de conferentie, geeft Stijns ook anekdotes en sfeerberichten mee. Zo vertelt hij dat het Geological Museum, dat de conferentie huisvest, zo nieuw is dat het ‘op geen enkel stadsplan voorkomt’, of nog dat - hoewel het Frans naast het Engels de officiële taal van de conferentie is - ‘“le français usuel” van de Engelschen’ ‘sommige Franschtaligen wanhopig’ maakt.3 Hij beschrijft zelfs het ‘seizoen’ te Londen, met in de ochtend ‘de gulden zonnestralen’ die ‘doorheen den mist’ spelen, ’s middags een ‘alom’ broeiende warmte en ’s avonds ‘een verraderlijke kilte.’4
Over zijn praktische werkomstandigheden meldt hij:
Links: Berichtgeving over de ‘Monetary and Economic Conference’ van de Volkenbond (Het Laatste Nieuws, 14 juni 1933: 1). Rechts: Foto van het publiek dat de aankomst van de deelnemers afwacht voor het Geological Museum (Het Laatste Nieuws, 14 juni 1933: 3).
‘Weer zitten wij aan de lange schrijftafels in de volle drukte van een internationale konferentie. Het gegons van het onophoudend verkeer, dat dag en nacht over Londensche centra als Piccadilly Circus en Charing Cross hangt, is niets in vergelijking met het heen en weer geloop in het nieuwe museumgebouw, waar de Ekonomische Konferentie met haar werkzaamheden heeft aangevangen. Telegrafisten komen de kopie der dagbladen als versch van de koortsige schrijfmachines halen: in de vele telefooncellen wordt het nieuws naar alle landen van de wereld verspreid, en in de wandelgangen hoort men de staatslieden en hun medewerkers de vele binnen- en buitenlandsche moeilijkheden bespreken, waaraan in deze dagen geen land of geen regeering ontsnapt.’5
(Marcel Stijns in Het Laatste Nieuws van 14 juni 1933).
Het belang van een journalist ter plaatse blijkt duidelijk uit de opmerkingen over de werking van het persagentschap Belga die Hoste op 15 juni aan Stijns stuurt6: ‘Belga blijft beneden zijn taak, als naar gewoonte. Er wordt veel, maar te laat en onoordeelkundig gegeven.’
Om snelheid te winnen, probeert Stijns ook telefonisch artikels aan de Brusselse redactie te bezorgen. Na een mislukte poging op donderdagavond 15 juni (door omstandigheden in de drukkerij was de avondredactie vroeger naar huis gestuurd), lukt het enkele dagen later wel: in de editie van 19 juni verschijnt een eerste artikel ‘van onze eigen medewerker ter plaatse’ met de melding ‘(per telefoon)’. Ondertussen blijven ook de brieven met zijn artikels vlot Brussel bereiken.
Stijns doet zijn best om in zijn stukken de complexe economische kwesties op een begrijpbare manier aan de lezers te presenteren en brengt uitgebreid verslag uit over de werking van de conferentie, de uiteenlopende standpunten van de deelnemers, de onderhandelingen, de ‘evenwichtsoefeningen […] om een mislukking te beletten’7, de manoeuvres en het bemoeilijken van de besprekingen door wat Stijns omschrijft als ‘in verschillende landen heerschen onzinnige toestanden, die algemeene verstandhouding en samenwerking belemmeren.’8
Of nog:
De journalisten op de perstribune tijdens de conferentie (Het Laatste Nieuws, 17 juni 1933: 1).
‘Stilaan groeit de konferentie inderdaad uit tot een wereldparlement, waar de belangen van alle partijen onderzocht en bepleit worden om te trachten een oplossing te vinden, welke de algemeenheid kan ten goede komen zonder onbillijk te zijn voor iedere partij op zichzelf.’9
(Marcel Stijns in Het Laatste Nieuws van 23 juni 1933).
Hij mag ook ‘bondiger teksten’ sturen, laat Hoste hem op 17 juni per brief10 weten, want ‘zooals gij zult vaststellen, werken wij thans met meer en grootere titels. Wat meebrengt, dat de artikels doorgaans nog korter moeten zijn.’ Het is een probeersel van Hoste om een modernere stempel op zijn krant te drukken, waarmee hij in de toekomst wil verdergaan: ‘In die richting gaan wij trouwens ook het blad nog omwerken’, schrijft hij aan Stijns.
Het zal niet verbazen dat een dergelijke conferentie ook een netwerkevent is voor de aanwezige journalisten. In een van zijn brieven aan Stijns vraagt Hoste zijn groeten over te maken aan onder anderen zijn Nederlandse collega’s Marcus van Blankenstein (Nieuwe Rotterdamsche Courant) en A.K. van Riemsdijk (Het Vaderland en Rotterdams Nieuwsblad). Met deze laatste, die Hoste een briefje stuurde om Stijns zijn ‘medewerking en steun’11 aan te bieden, brengt Stijns ook de avond van 16 juni en het middagmaal van de 23ste door. Op 15 juni mag Stijns aanschuiven bij een lunch die eerste minister MacDonald in het Park Lane Hotel aanbiedt aan ‘the representatives of the press attending the Monetary and Economic Conference’. Op 20 juni heeft hij een afspraak met de heer Bartholomew van de Daily Mirror, die eerder contact had met Het Laatste Nieuws in verband met de ‘Telephoto’-dienst. Daarnaast bewaart Stijns ook visitekaartjes van Gustaf Siösteen, ‘London Editor’ van de Zweedse liberale krant Göteborgs Handels- och Sjöfartstidning en van de manager van The Restaurant des Gourmets, en een erelidkaart van The Press Club ‘for the period of the Economic Conference’.
In Het Laatste Nieuws van 26 juni verschijnt nog een laatste artikel van Stijns als ‘onzen eigen medewerker ter plaatse’, maar tegen dan is hij al terug thuis: op 24 juni keerde hij via de trein Londen-Dover, de boot over het Kanaal en de trein terug naar Brussel. Stijns’ missie was volbracht, op 21 juni had Hoste hem geschreven dat hij ‘stellig met een gerust geweten naar Brussel [mocht] terugkeeren.’ Voor zover Hoste wist, waren ook de medewerkers van Le Soir al teruggekeerd.
Stijns, Hoste en de rest van de redactie van Het Laatste Nieuws blijven het verdere verloop van de conferentie - die uiteindelijk op 27 juli eindigt - volgen vanuit Brussel, terwijl ook ‘ROVER’, de vaste ‘bijzonderen medewerker uit Londen’ van Het Laatste Nieuws, enkele bijdragen levert.
De conferentie zelf draait uiteindelijk uit op een mislukking, onder andere door het verzet van de Amerikaanse president Franklin Delano Roosevelt tegen de voorstellen voor muntstabilisatie. Bij een deel van de deelnemers leeft wel hoop op oplossingen in de toekomst.
Deze bijdrage maakt deel uit van de reeks ‘Reiskofferverhalen’, waarin Liberas aan de hand van archiefstukken zoals brieven, reisverslagen, foto’s en krantenartikels historische reizen en persoonlijke blikken op de wereld opnieuw tot leven brengt.
Bronnen, noten en/of referenties
Het Laatste Nieuws, juni-juli 1933.
‘London Economic Conference’, in: en.wikipedia.org, geraadpleegd 1.6.2026.
1. M[arcel] Stijns, ‘De groote bijeenkomst te Londen’, in: Het Laatste Nieuws, 14 juni 1933: 1.
2. Liberas, Archief Marcel Stijns (archief nr. 23), nr. 2.2.5.: Brief van Julius Hoste jr. aan Marcel Stijns, 13 juni 1933.
3. M[arcel] Stijns, ‘De groote bijeenkomst te Londen’, in: Het Laatste Nieuws, 14 juni 1933: 1.
4. M[arcel] Stijns, ‘De Vooruitzichten van de Ekonomische Konferentie’, in: Het Laatste Nieuws, 17 juni 1933: 1.
5. M[arcel] Stijns, ‘De groote bijeenkomst te Londen’, in: Het Laatste Nieuws, 14 juni 1933: 1.
6. Liberas, Archief Marcel Stijns (archief nr. 23), nr. 2.2.5.: Brief van Julius Hoste jr. aan Marcel Stijns, 15 juni 1933.
7. M[arcel] Stijns, ‘Het Karakter van de Ekonomische Konferentie’, in: Het Laatste Nieuws, 23 juni 1933: 3.
8. M[arcel] Stijns, ‘De Internationale Toestand en de Ekonomische Konferentie’, in: Het Laatste Nieuws, 24 juni 1933: 1.
9. M[arcel] Stijns, ‘Het Karakter van de Ekonomische Konferentie’, in: Het Laatste Nieuws, 23 juni 1933: 3.
10. Liberas, Archief Marcel Stijns (archief nr. 23), nr. 2.2.5.: Brief van Julius Hoste jr. aan Marcel Stijns, 17 juni 1933.
11. Liberas, Archief Marcel Stijns (archief nr. 23), nr. 2.2.5.: Briefje van A.K. van Riemsdijk aan Julius Hoste jr., s.d.